een niet te vertellen sprookje

door johan_velter

In een ver land in een ver verleden met mensen, enfin, toen er nog geen civilisatie was. Alle gelijkenissen met de werkelijkheid zijn geheel toevallig en door de auteur uiterst ongewenst. Zoals Vuile Mong het zong: Het is Jean-Pierre. Altijd.

Moe, verzadigd en welgedaan, maar vooral gelouterd, men rijdt op de terugweg, men rijdt over bergen, men rijdt door waterwegen, men rijdt door de huizen, men fluit, men boert, men jubelt. Verschillende auto’s na elkaar, met elkaar verbonden door de nieuwste technologie, de stad staat voor niets, is bekend in al de omstreken om haar vooruitstrevendheid, alle auto’s zijn uitgerust en beveiligd tegen hackers en ethiek.

T : Er is maar 1 woord voor.
X : Eén woord, dat is weinig voor jou. En wat mag dat zijn?
T : Gelouterd, ik voel me gelouterd. Het is precies dat ik naar Lourdes geweest ben, wel wat zwaar op de maag, maar dat lost zich vanzelf op.
F : Maar natuurlijk, gelijk al de rest.
T : Ik vind dat allemaal toch geen slechte zaak. We gaan de boel opkuisen en anders organiseren. Het is goed dat het gebeurt is, we hebben onze moed getoond. Er waren ook veel kameraden die op een postje zaten te wachten maar we hadden niets meer, je kunt niet blijven vzw’s schrappen, andere oprichten, die schrappen en de oorspronkelijke weer oprichten, aan alles komt een eind en dat kost ook geld hé.
F : Maar het blijft wel in de familie hé.
T : Ja, het is waar. Maar luister. Als we een cumulverbod instellen, niet een totaal hé, een hoofdambt en hier en daar nog een jobke, laat ons zeggen 3, dan kunnen we toch veel meer mensen bedienen, ons netwerk wordt groter, ons draagvlak breder, de afhankelijkheid aan de aperij groeit en als we de volgende keer er niet bij zijn zijn we er toch bij.
F : Ja, maar de mensen kennen ons en ze zullen niet op ons stemmen.
T : Kom kom, de mensen hebben geen memorie. Ten andere, we kunnen toch ook koppels inzetten. De een heeft een politiek mandaat, de ander is sterk in grond, nog een ander in pr, weer een ander in geldzaken, enzovoort. We moeten de namen niet noemen hé, het netwerk, de relaties die zijn belangrijk. We moeten ons verfijnen, doubleren en verdrievuldigen.
F : Ja, dat is waar. Maar het geld hé, de mensen klappen toch vooral van het geld.
T : Ja, ’t is waar. De dommeriken. Het gaat ons niet om het geld, wat zouden we daarmee doen? Driedubbel zacht wc-papier kopen? Wij gebruiken ander papier hé? Maar als we nu een verhoging zouden invoeren, de mensen gaan dat verstaan, langs de ene kant wat minder en langs de andere kant wat meer, dat gaat wel weer marcheren. Er zijn toch nog onkostenvergoedingen mogelijk, belastingvrij, een forfait hier en een forfait daar, we kunnen mekaar toch bonnetjes geven en voor overnachting in Cannes hebben we ons adres, of twee.
F : Drie.
T : Ah, da’s goed nieuws. Het is dus gelukt? Proficiat. Ik moet het niet weten, hé.
F : Merci, ’t is niet echt in Cannes, er iets buiten, er komen minder mensen daar.
T : Gij zijt een klein crapuulke hé, ik heb dat graag, zo kan ik doen dat ik schone handen heb.
F : Maar toch, dat geld, in deze tijden? Een gewone mens heeft niet zo veel hé, wij hebben er zelf voor gezorgd.
T : Tuttut, luister. We doen een geste. We hebben ons hoofdambt en nog een beetje anders en met het minste doen we een gift. Aan bijvoorbeeld een ziekenhuis of een sociale instelling of een bouwmaatschappij, you name it,  daarmee verplichten we hen aan ons en wie weet vragen ze ons ook in het bestuur. Zeker weten. Ten andere, veel van die verenigingen hebben geen expertise in huis, wij gaan daarvoor zorgen, wij hebben ze zelf benoemd en we weten ook waarom. Veel van die sociale en andere instellingen gaan zich professionaliseren, ze moeten hier een huizeke verkopen, daar een kotje bijbouwen. Ze hebben een  computer nodig, meubels, behangsel, ze willen een feestje geven. Awel, wij kennen veel mensen en wij zijn ook de politiek. Wij gaan hen helpen. Het is interessant om te weten wat zij gaan doen, wij kunnen dat dan ook doen. Peins een keer op de zonnepanelenactie, ze weten nog niet dat wij daarachter zitten. En die velo’s, hetzelfde. We moeten dat uitbreiden naar waspoeder. En appels. De politiek, dat is voor de tv. Het is wat daaronder zit, daar gebeurt het. En laat dat onbetaald zijn, dat verdient zichzelf wel weer, het is een kwestie van schuiven hé. De een doet iets voor een ander en dat betalen houden we daarbuiten.
F : En ondertussen zijn wij overal thuis. Het huis is van ons. Maar de grote fout vroeger is geweest dat ze die structuur in de politiek gestoken hebben. Wij doen dat nevens de politiek, de politiek heeft daar niets meer mee te maken. Als de wereld een kotje is, dan hebben wij een bunker. En we gaan verder daarvoor subsidies aanvragen en als we dat dan in een NV steken, met daaronder een vzw, en we steken dat in een constellatie van gelijksoortige zaken dan kunnen we niet alleen …
T : Mi amigo! 

Het koor in de andere auto’s : VIVA SICILIA !!

Advertenties