ex libris pierre h. dubois

door johan_velter

bibliotheek pierre en simone dubois_leiris_picasso

beamend, is dat ik daar resten van de bibliotheek van Pierre H. Dubois vond, zich vermommend onder etiketten van een bibliotheek. De hele tafel lag vol met Franse boeken. Op het eerste gezicht waren het gewone boeken. Op het tweede gezicht zag je dat een vorige bezitter een blindstempel gebruikt had om zijn boeken te merken. Op het laatste gezicht, het venijn, zag je dat het bibliotheekboeken waren. Op de rug een bescheiden etiket. Voor de literaire werken gebruikte men een code, R, ik veronderstel voor « Romans », en daaronder de drie eerste letters van de auteursnaam. Voor de non-fictionwerken gebruikte men het UDC-stelsel, maar zoals het in oude bibliotheken, die eigenlijk ook nieuwe zijn, de gewoonte was en is, beschouwt men de non-fiction veel ruimer dan de fiction. Op de achterzijde was er, helaas, helaas, een barcode gekleefd, naar het voorkomen een recent gedrukte reeks, helaas (nu 3 maal) werd die barcode met een scheef geknipt stukje filmolux overplakt. Boven het label staat « Délégation culturelle et pédagogique » gedrukt. Verder geen aanduidingen, geen instituut-stempels.

Het vermoeden werd thuis bevestigd: dit waren boeken uit de bibliotheek van de vroegere culturele afdeling van de Franse ambassade, die jarenlang in Gent een toch wel belangrijke rol gespeeld heeft. Ook al beantwoordde men niet alle brieven.

De « Délégation » bestaat nog steeds en heeft verheven doelstellingen, lees het ronken: ‘De Délégation Culturelle et Pédagogique pour la Flandre is een open huis van de Franse Ambassade dat 32 jaar geleden in Gent werd opgericht. We ondersteunen het onderwijs van de Franse taal en stimuleren de culturele en educatieve uitwisselingen tussen Vlaanderen en Frankrijk, meer bepaald met de nabijgelegen regio Nord-Pas de Calais. Bovendien stellen we in de mediatheek pedagogisch materiaal, documentatie over het hedendaagse Frankrijk, maar ook een aanzienlijke collectie litteraire werken en meer dan 400 Franse films op video of DVD ter beschikking van het grote publiek.’

Die ‘aanzienlijke collectie literaire werken’ moet dus met een stevige korrel zout genomen worden, vermits de culturele taak er in bestaat om de collectie zo niet te liquideren dan toch ferm te diminueren. Merkwaardig is die recente barcode, de beslissing om de boeken uit de werking te halen is nu genomen, waar die boeken nog maar onlangs een label gekregen hebben. Ah, de lange termijn.

De boeken die op de tafel lagen waren interessant, alle moderne klassiekers waren aanwezig. Ik noem slechts wat ik meebracht: Michel Leiris, André Gide, Jean Cocteau, René Char, Roger Martin du Gard, Nathalie Sarraute. Ik bladerde door het boek van  Sartre over Flaubert en zag hier en daar stylo-aantekeningen, maar Sartre en Flaubert zijn niet zo interessant, dus liet ik het boek maar staan. Ook het liber amicorum voor Roland Mortier, waarover ik gisteren schreef, nam ik mee. Sommige boeken in 1ste druk, andere in een editie.

De blindstempel is gemakkelijk te lezen: in en cirkel ‘Ex libris – Pierre H. Dubois’ en in het midden van de stempel de initialen ‘PHD’. Pierre H. Dubois! De schrijver, de criticus, de uitgever, de biograaf, de tekstbezorger van werk van Jan Van Nijlen, enzovoort. Wat een schat. Hier liggen dus de resten van literair erfgoed, eigenlijk verkwanseld, dat een hele generatie gevormd heeft. Er wordt steeds gesproken over Jan Walravens die de Franse literatuur en dan in het bijzonder het existentialisme in de Nederlandstalige literatuur heeft geïntroduceerd en verdedigd maar Dubois was minstens zo belangrijk, ook omdat hij, alhoewel sympathiserend met de jongeren, minder doctrinaire standpunten innam. Heeft Dubois in alle vertrouwen zijn bibliotheek aan een culturele instelling overgedragen? Of hebben zijn  erfgenamen dat gedaan? Hij stierf in 1999, zijn vrouw in 2001. Hoe is die collectie daar in Gent terechtgekomen en welke culturele overwegingen hebben gespeeld om die bibliotheek weer van de hand te doen? Simone Dubois was geboren in Gent (als Simone De Bruyn), maar zowel zij als haar man is in Den Haag gestorven. In het In memoriam dat Jacques Kruithof voor haar geschreven heeft, lezen we de toedracht: ‘Tot haar laatste bekommernissen voor het vertrek naar een bejaardentehuis (dat haar uiteindelijk bespaard is gebleven) behoorde de bestemming van het Franse boekenbezit, dat ten slotte een plaats vond in de culturele vertegenwoordiging van Frankrijk te Gent, haar geboortestad. ‘Men moet zijn best doen’ – deze, altijd met een lachje gebrachte overtuiging was in haar lange leven onafgebroken haar richtsnoer […]’ (te vinden op DBNL). Men moet zijn best doen … Zou die overdracht in een notariële akte vastgelegd zijn?

Men weet ondertussen hoe belangrijk het is voor literair onderzoek, ook voor mentaliteitsgeschiedenis, de bibliotheek van iemand te onderzoeken. Wat een kansen heeft men hier weer laten liggen! Uiteraard zal Dubois veel boeken als recensie-exemplaar ontvangen hebben, alhoewel in de boeken die ik gezien heb daar niet de gebruikelijke stempel van de Franse uitgeverijen te zien was, maar dan nog is het interessant om te zien wat hij tot zich genomen heeft, in welk geestesklimaat hij vertoefd heeft. Ik zwijg dan ook nog over het materieel belang van deze collectie (niet geldelijk, maar letterlijk: het belang van de dinglijkheid). Misschien moet de universiteit eens een vrij toegankelijke database samenstellen waar huidige bezitters hun gegevens over de boeken die uit privébibliotheken in hun particuliere collecties verspreid geraakt zijn, kunnen ingeven om zo dan toch nog een glimp op te vangen en een denkwereld te reconstrueren via een virtuele bibliotheek.

Er zijn geen uitvoerige aantekeningen te vinden in de boeken die ik bekeken heb. Natuurlijk kunnen eventuele notities van anderen zijn, maar de boeken zien er dusdanig uit dat ze geen grote culturele werking achter de rug hebben. Dubois was dus een voorzichtig-afstandelijke boekenlezer. Er moet echter gezegd worden dat hij Nouveaux prétextes van André Gide wel zeer slordig heeft opengesneden. Helaas had hij ook de kwalijke, Franse, gewoonte om een ezelsoor te maken in een bladzijde om aan te duiden waar hij gebleven was. Voor Les fruits d’or op p. 31-32, p. 83-84. In Correspondance Jacques Copeau – Roger Martin du Gard, t. 1 heeft hij in de inleiding van Claude Sicard enkele stylo-strepen gezet. « Parler de soi avec si peu de quant-à-soi et ce détachement sans désinvolture est une tradition française à laquelle beaucoup se sont essayés et où peu ont réussi. » Niet toevallig omdat Dubois in zijn schrijven een Franse ambassadeur was en wilde zijn, op zoek naar de Franse ziel, maar ook omdat hijzelf een autobiografie geschreven heeft en misschien wel beducht was op de mogelijke evidente tekortkomingen. Ook werd aangestreept: « il est sage de ne pas remettre au lendemain les réalisations projetées ». Het is mogelijk dat hij enkel de inleiding gelezen heeft…

Van René Char was Commune présence, een selectie gedichten met een inleiding van Georges Blin. Daarvan is zeker dat hij alleen maar de inleiding gelezen heeft, de rest van het boek (buiten de eerste poëziebladzijden) is niet opengesneden. Misschien had hij al alles van Char gelezen, maar misschien had hij ook geen affiniteit met deze grote Franse dichter, de tweede optie lijkt mij de juiste te zijn. Maar het toont wel aan hoe Dubois in de literatuur stond: voor hem was de betekenis belangrijker dan de poëzie. Hij had belangstelling voor veel, maar veel was hem ook vreemd.

Het zou natuurlijk kunnen dat er een tweede Pierre H. Dubois bestaan heeft, wiens bibliotheek daar uitgestald lag. Dat zou zeer vreemd zijn, gezien de overdracht. Het boek Thèmes et figures du siècle des Lumières geeft echter definitief uitsluitsel. Ik denk niet dat dit boek intensief gelezen is, maar er is toch een ezelsoor gemaakt in het artikel « Un scandale des Lumières : les vampires » van Béla Köpeczi. Verder in het hele boek geen aantekeningen. Het boek, o oude tijden, o heilige tijden, bevat een Tabula gratulatoria. En daar is de naam van ‘Simone Dubois, La Haye’ te vinden. We worden met de neus op de feiten geduwd. De vrouw koopt een boek, de man zet zijn eigendomsstempel er in … De boeken waren ook het bezit van Simone Dubois, de vertaalster van o.a. Françoise Sagan, de verzorger van het verzameld werk van Belle Van Zuylen en ook haar biograaf. Overal waar ‘hij’ staat, moet ook ‘zij’ staan.

Advertenties