hugo claus (5 april 1929-19 maart 2008)

door johan_velter

hugo claus_sfcdt_2

De lange rijen raakten maar niet opgelost…

Hij kwam terug, mét de sleutels, raakten de zielen toch nog binnen. Niet op hun voorkomen werden ze toegelaten, Sint-Pieter had een gesofisticeerde, bruine,  elektronische, volautomatische weegschaal meegebracht en de scheiding was streng en hij zat er zoals steeds zelfvoldaan bij. Nu met zijn hawaïhemd aan, in zijn blote benen, zijn slofsandalen en zijn Amerikaanse zonnebril opzichtig op zijn voorhoofd. Zo de hond, zo de meester.

Zij verheugden zich op wat geen vreugde is en wij dachten dat hij milder gestemd zou zijn, nu dat hij zijn beestigheden weer op aarde had kunnen botvieren. We hadden hem daar bezig gezien in die veelkleurige patserblouse, zijn roze korte broek, de gele kousen in open sandalen en zuchtten nu onder zijn nieuw aangewakkerde terreur. (Zie nooit iemand in zijn afgrijselijke horreur.) We staan in rijen opgesteld, de armen zijwaarts bewegend, opwaarts, het hoofd in de nek, dan voorover gebogen, de knieën geplooid, de knieën gestrekt, de benen gespreid, de benen dicht. De haren rechtop en elk zon op wraak.

Het was de augusteïsche boeteling die me bij de hand nam. De deur leek zwaar, met zijn rechterpink toch duwde hij die open.  De werken. Die vodden, verweten zijn denigrerende vingers als bij een jong zwartharig meisje, haar borsten slechts een vermoeden. Daar waren de kleuren van de omslagen verweekt, daar was de folie losgekomen, daar zaten bladen los, ik zag met rode stylo aangeduide fouten, verschrijvingen, onjuistheden, haastigheden, onzorgvuldig gebazel, domme baldadigheden, kinderachtigheid. Daar stond een weegschaal.

Zwijgend legde hij de boeken in een schaal, in de andere legde hij wat meeuwendons en woog – hoofdschuddend. De boeken schoten omhoog, een vogelveer woog meer. Hij haalde een meter uit zijn binnenzak, het timmermanspotlood vanachter zijn oor verscheen in zijn hand, haalde de dubbels eruit en mat die boeken die daar nu zo armzalig lagen te stinken. Zilvervisjes.  Ik hoorde het minachtende geluid van de tong die tegen de binnenkant van zijn tanden slaat, het geklak van de wetende. Hij haalde erbij, zijn hatelijke vriendjes. Jim, de acteur; de Duitse manierenman ; Willie, de messenwerper ; de raaskallende Chinees ; William, de omkijkende kakofonist ; de Amerikaanse boekhouder. De een stootte met zijn voet tegen die papieren ondingen, wilde zich niet bukken ; de ander keek laatdunkend naar die zwarte tekens, lachte minachtend om dat onhandig verbergen ; de volgende in de rij haalde zijn schouders op om die eentonigheid, dat blazen op steeds weer hetzelfde riet ; de vierde nam zijn stok, sloeg een boek open, bladerde met het uiteinde van zijn stok, veegde het uiteinde af aan zijn linnen witte broek en zuchtte om die oppervlakkigheden; de voorlaatste zag dat slecht gecamoufleerd meisjesgedoe, al gestopt alvoor er begonnen was ; de laatste leek te zoeken naar een hemelse merel. Geen gedachte meer aan de vrouw en haar pietluttigheden.

Toen kwam hij binnen, de laatste zwaan, keek me aan, keerde zich om, nam zijn rollen van de bovenste boekenplank, stapte fluitend naar buiten en liet mij ontdaan achter. De deuren sloten zich, een zwavelgeur verstikte mij bijkans, ik hoorde het gekrijs van de muezzin, het geloei van een drachtige koe, Caroline, van naast de deur. Ik was thuis.

(Deze woorden werden door DESPLENTER, Youri, opvolger van MAES, Julienne, medium te Wallezele, Trapstraat 16bis, ook voor uw toekomst en de contacten met uw dierbare overledenen, tevens andere, opgevangen. Ik dacht dat hij zei dat het een krookeske was maar ik weet niet hoe ik dat moet schrijven en wat dat betekent tante Julienne zegt dat ik beter moet luisteren maar ik weet niet het was via wifi dat hij zijn klapke deed ze zijn daarboven ook mee met hun tijd hé en het regende dan is de verbinding altijd slechter vanuit de wolk zei hij hij kon wschlk niet op het woord cloud komen maar ik geloof toch niet dat de telefoondraden van tante Julienne beter werkten dan mijn wifi oude mensen hé dat wil altijd alles beter weten ik zou het wel willen vragen aan Meester VANDEPUTTE, Henri, de hoofdonderwijzer maar hij is dood en zijn opvolger dat is een organisatiedeskundige die weet van niets allez tot volgend jaar hé gasten.)

Advertisements