over een man die nee zei (2)

door johan_velter

zwart-rood_24

‘Maar zo was het niet, zo was het niet,’ zei de professor bijna huilend. ‘Op de vraag van de studenten of je kunt stellen dat de val van het Romeinse Rijk het gevolg was van een revolutie der slaven, antwoordde mijn broer …’
‘Dat is onbelangrijk. Dat is volstrekt onbelangrijk,’ kapte de directeur hem op autoritaire toon af en hij schoof met een handgebaar de tegenwerpingen van de professor terzijde. ‘Wat belangrijk is, is dat hij “nee” zei! Hij zei “nee”, terwijl onze leider “ja” heeft gezegd. Hoe kon hij nou iets anders [dan de leider] zeggen? Wat betekent de uitspraak: “Ik weet niet wat Iosif Vissarionovitsj voor ogen had, maar het is een feit dat Rome na de Spartacusopstand nog vijfhonderdvijftig jaar heeft bestaan en een wereldmacht werd?” Terwijl kameraad Stalin toch volstrekt helder en eenvoudig heeft geschreven: de barbaren en de slaven brachten het Romeinse Rijk met donderend geraas ten val. Dus dat is een wetenschappelijke waarheid. Ja of nee?’

Joeri Dombrovski, De faculteit van de onnodige kennis (Meulenhoff, 2002), vertaald door Aai Prins en Gerard Rasch

Advertenties