lyriek der dichtershanden

door johan_velter

Vrijdag 7 oktober 20176. Vrijstaat O. te Oostende. De Directeur zit in een zetel. Naast hem komen een na een 3 dichters met de rug naar zee te zitten. Het publiek kijkt en luistert. De avond valt, de dichters geven woorden (hun) licht. Ik staar en zit naast E.

De Directeur laat Erik Lindner spreken over zijn bundel Zog (Druksel, 2016). ‘Ik ben een plekgevoelige dichter.’ ‘De zee is er altijd.’ ‘Het preciese registreren vermijdt wat kitsch is.’ ‘Een jongensdroom bij hem te mogen publiceren.’

Deze slideshow heeft JavaScript nodig.

Daniel Falb laat zich niet vragen en neemt het roer over. ‘De bundel Chicxulub Paem (Druksel, 2016) gaat over de zee maar niet in fenomenologische zin wel behandelt deze poëzie de milieuverandering, wat er gebeurt met de zeespiegel en wat er gebeurt met de mensen die voor het milieu moeten vluchten en het verhaalt over wat vroegere klimaatveranderingen met de mens gedaan hebben en het wil een nieuwe poëzie zoeken voor dit, het antropoceen.’ ‘Chicxulub is de plek waar de komeet die de dinosaurussen gedood heeft, ingeslagen is. Paem is een karakter dat in het gedicht optreedt, is daardoor zowel inhoud (persoon) als vorm (gedicht).’

Deze slideshow heeft JavaScript nodig.

 Els Moors moest vooral het einde uitleggen van Zeemajuskel (Druksel, 2016), als een hamerslag ervoer De Directeur haar eindwoorden. ‘De bundel draait om het ‘De wereld is alles wat het geval is’ van Ludwig Wittgenstein. Deze poëzie gaat in tegen de logica van het beeld, ze poogt de wereld open te breken. De zee is het ongewisse, de metafoor van het zijn.’ De vormgeving is opvallend, zegt De Directeur. Er zijn geen leestekens, de zinnen strengelen in elkaar. ‘Leestekens bepalen een conclusie, een eindgedachte, al dan niet zwaarwichtig. Wittgenstein zocht hoe het denken begrensd kan worden, een dichter begrenst de wereld door het gedicht. Door geen punten te gebruiken, verzet ik mij tegen het einde van het gedicht, daarmee een open structuur betrachten waardoor het einde van de bundel ook weer een nieuw begin is. Misschien, dacht ik, is het einde zoals het nu is te maniëristisch, maar nee, zo is het ook’

Deze slideshow heeft JavaScript nodig.

 Beeld: dichters(handen van) Erik Lindner, Daniel Falb en Els Moors

Advertenties