shakespeare in gent (3)

door johan_velter

romain deconinck_1

Oh, die vreselijke jaren ’70 (en daarna die van ’80). Zie hem daar zitten, de patriarch. Bij een  Leuvense stoof, daarnaast een simili-leren zetel, een bak ervoor om de vermoeide, zware benen op te leggen. Romain Deconinck (die door Georges Wildemeersch in zijn Hugo Claus: de jonge jaren (Uitgeverij Linksrechtsik) Romain De Coninck genoemd wordt en ‘dus’ in de index op C geklasseerd staat) zit welhaast zeker op een keukenstoel. Hij heeft een fel ontwikkeld onderlichaam en zit daardoor ongemakkelijk maar wel recht. Er bestaan 2 soorten echtemannenbroeken: de broek die de buik omspant en de broek die onder de buik aangespannen wordt (een echte broek rust gewoon op de heupen): Deconinck draagt hier een broek die de buik omvat. Hij heeft geen broeksriem nodig, de broek spant zo. Er is aan de broek echter wel een lipje voorzien om de gesp vast te houden. Deconinck is natuurlijk een man die bretellen kan dragen.

Hij draagt een confectiekostuum – zoals iedereen toen, modern, synthetisch, moet niet gewassen of gestreken worden, in de kast hangen, madame, en alles gebeurt vanzelf en zo kunt ge in de Mageleinstraat een patisserietaartje gaan eten. Een man op zijn zondags is als een vis op een fiets. Zijn handen hangen moedeloos voor zijn schoot, zijn glimlach is geen  lach, geen grijns, wat heeft het leven mij aangedaan, zijn snor is een snor te veel in vergelijking met het kruinhaar. Het voorhoofd rimpelig, kalend, de zorgen van het leven. Is dit een theaterman of een bokser?

Maar die kragen! Zowel van hemd als van kostuum. Wat een zijwegen, wat een bochten, zijn dit pannekoeken? En hoe moet dit allemaal bij elkaar gehouden worden? Gelukkig draagt hij geen das maar toch: een kostuum had in die tijd een wit hemd nodig, geen fantasiekolderartikel zoals Romain Deconinck hier draagt. De Leuvense stoof moet waarschijnlijk de authenticiteit bevestigen, tevens de armoedige toestand van de Minard. De waterketel staat gereed, een zatte kaffie zoetje?

romain deconinck_2

Ho, maar hier is Romain Deconinck al meer op zijn gemak. Yvonne Delcour (die Yvonne Verschueren heet, maar Romain Deconinck vond dat niet chique genoeg, tiens, dat staat niet vermeld in het propagandaboekje Romain 100 – zou dit afbreuk doen aan zijn volks image, de volksgentenaar die zich een Franse franje geeft?) zit aan haar naaimachine, zij en haar machine staan wat wazig op de foto. Ze naait kostuums voor het stuk met de niet geheel op Romain Deconinck ontoepasselijke titel Home zweet home (1976).  De focus is op de meester gericht. Hij kijkt niet naar zijn Yvonne, ook niet naar de fotograaf (en dus naar ons) maar hij staart in het ijle, de verte van  de romantiek. Nog heeft hij zijn moustache, zijn dubbele kinnen, in zijn hand houdt hij nu een filtersigaret, nee, géén roltabak, dat is iets voor de linksige alternatievelingen, een werkmensch smoort gefabriceerd tuig, gelijk dat hij ook schone tegels aan zijn façade geplakt heeft, dat moet ge nooit meer schilderen, meniere, da kunt ge dan allemoale opdrinken, meniere. Aan de spiegel hangt een tas van Nicole Burrick, de gekende lederzaak in Gent en tevens ook kledij voor mannen, smaakvol en elegant. Daarboven een petje, hopelijk een rekwisiet en niet iets dat Deconinck op straat droeg. Weer heeft hij een exotisch hemd aan, breed open bovenaan, een borstkas, madame, dat is wat een vrouw nodig heeft. Zijn haar naar achteren gekamd om de kale plekken te verdoezelen maar daardoor juist zeer zichtbaar. Romain Deconinck zit voor een spiegel, we zien een auto hangen en daarboven in spiegelbeeld ‘Vertoning’ een bord dat aankondigen moet hoe laat het spel gaat beginnen. Voor de spiegel op een lage kast, een wanorde en een chaos, ook onder die kast (de tafel daarentegen is ruim, leeg en proper, het vrouwendomein). Boudoir-koekjes! Meme en pepe! Madeleine! Koekjes waarop je niet moet knabbelen, je legt die op je tong en ze smelten vanzelf, je kan er aan zuigen of in je koffie steken maar snel je mond open want zie daar zijn ze al helemaal gedeformeerd. Wat suiker er op, een kind en een mémé zijn gelukkig. En zie, daarnaast Wycam’s borstbollen, echte oude. Ook dat bestaat nog. Ach nee, de tijden veranderen niet. Wat dat ge in uw mond kunt steken, dat blijft. Een mens moet eten hé. Sneukelen, ’t is nog ons enig plezier.

romain deconinck_pepe

Net zoals met Boudoirkes heb je best geen tanden voor die tot steen geharde suikerbollen (en wie nog tanden heeft, heeft er geen meer na het bijten op zo’n steenbol).

Ne leeuw zonder tanden, een stuk van Romain Deconinck.

Advertenties