enige korttekens rond ‘blindeman’ van hugo claus (5)

door johan_velter

james ensor_maria magdalena

De ineenstrengeling van het Griekse verhaal met de christelijke mythologie gaat nog verder. In Blindeman wijzigt Hugo Claus de rol van Manto, die hij nu Katte noemt. Manto is bij Seneca de dochter van Teiresias, de oude, blinde ziener. Dit was een toevoeging van Seneca, in het stuk van Sofokles was er geen rol voor haar weggelegd. Bij Seneca (maar ze had ook een rol in Euripides’ Feniciërs en was een personage in de Metamorfosen van Ovidius) is ze een zieneres, een intermediair tussen de goden en de mensen, zoals ze ook een intermediair is tussen theater en publiek. Ze heeft niet direct een dragende rol, maar een expliciterende; ze staat ietwat buiten de actie maar neemt er toch aan deel. Ook dient het paar Teiresias-Manto als spiegel van de andere relaties: bij Claus is Marianneke blind gemaakt (externe oorzaak), Oedipus maakt zichzelf blind (‘interne’ oorzaak), Teiresias is blind maar is een ziende (de blindheid wordt opgeheven). En er is de vader-dochter-relatie waarbij Manto de hulpvaardige, zwijgende rol speelt: zij ondersteunt, er is geen gevecht. En de voorafspiegeling van Oedipus’ lot: zoals Manto haar vader leidt, zo zal ook Oedipus geleid moeten worden. Er zijn dus niet alleen de ziende woorden, ook de relatievorm toont wat Oedipus te wachten staat. Er is bovendien de biseksualiteit van Teiresias, die natuurlijk door Claus begrepen is – Teiresias heet in Blindeman ‘Tiete’, waarin men het woord tiet hoort en aldus voor verwarring zorgt: een man die de naam van een vrouwelijk attribuut draagt? Bij Seneca is de biseksualiteit een bewijs van zijn krachten: het overstijgen van de gegeven aardsheid, de transformatie, de metamorfose. Dit krijgt een pendant in Oedipus die zowel vader, broer en echtgenoot is, zoals Iokaste moeder, echtgenote en minnares is. Claus voegt daar nog een dubbelzinnigheid aan toe: het weten.

Hugo Claus maakt van Manto een Katte, een pars pro toto: het vrouwelijks geslachtsdeel. Maar de naam verwijst ook naar haar gedrag: een sluiks lokken van mannen. Dat de priesteressen in de Oudheid een seksuele rol speelden, verwijst daarnaar. Maar er is meer: Claus verweeft de klassieke geschiedenis met die van Christus en Katte krijgt de rol van  Maria Magdalena, zijn troosteres – en de troosteres van andere mannen. Zij is de mens die hem bijstaat, ook als de god hem (Oedipus, Christus, Omer) verlaten heeft. Zij zegt Omer dat hij niet weg kan (zie gisteren, na de fameuze kruisrede). In het stuk vraagt ze of er dan geen rol voor haar weggelegd is (i.t.t. haar rol bij Seneca neemt ze wel deel aan het spel, spreekt ze ook tot de anderen maar toch is dit ook hier geen dragende rol) en Lannoo die staat voor Laïus, antwoordt haar dat er geen rol is voor een hoer. Ook in Blindeman speelt ze de rol van intermediair: zij ‘komt tot bij Omer, als een non’, en verhaalt hoe de stad zwart werd (de verduistering op Goede Vrijdag) en hoe de lente weer kan bloeien en groeien als de schuldige gevonden is. Bij Claus heeft Katte de leidende rol: zij voert het offer uit, zij heeft het initiatief genomen en zij verzorgt het ritueel. Zij krijgt het mes aangereikt van Maria (het dode Marianneke moet de dode Christus oproepen) en doodt de beide offerdieren.

Maar het is vooral nadat Oedipus/Omer bewust geworden is van zijn daden, dat Katte hem troost, hem figuurlijk zalft: ‘Katte: (vlakbij hem, zacht) Wat nu?’ En het is Katte die met Oedipus/Omer meegaat wanneer hij naar de kloof wil gaan om zichzelf te verminken. Wat niet gebeurt maar beschreven wordt door Rosten die op beval van Chef Oedipus begluurt: theaterstuk en raamverhaal komen samen. De ‘verblinding’ van Omer zelf is slechts het opdwarrelen van zwart stof waardoor Omer niet goed meer kan zien. Op dat moment gaat Katte naar hem toe en kust hem op de mond. ‘Omer: Gij hebt een grondsmaak. – Katte: Als ge wilt ga ik u geren zien. Maar dan moet ge naar mij kijken. – Omer: Nee, ik heb ulder genoeg gezien, allemale. / In den tijd dat ik zag / Was ik stekeblind. (Katte gaat treurig weg, zit naast Marie) (1985, p. 96)

De Maria Magdalena-traditie komt ook nog met de Manto-traditie overeen omdat het christelijke personage ook als een zieneres gezien wordt die in haar extase, die al dan niet seksueel kan zijn, een glimp van het goddelijke kan ervaren en meer kan zien dan de gewone christen, die door de Kerk verweten wordt blind te zijn (blind dat hij de duivel en zijn werken niet ziet, herkent). In het begin van het stuk vermeldt Claus dat Katte een handtasje bij zich heeft en daaruit haar schminkdoos haalt. Het tasje is de zalfpot, de schmink is de zalf.

De vruchtbaarheidsmythologie wordt ook nog geïllustreerd door het lied dat Lannoo zingt, The shadow of your smile, – ook op dat vlak is dit een synthesestuk: het op een superieure manier laten ineenvloeien van het hoge en het lage, het pretentieuze en het platvloerse, de ambitie en de moedeloosheid, de durf en het platgeslagen worden. Het lied (‘de song’) is een liefdeslied, een weemoedig lied: de liefde was te hoog gegrepen. Al in het begin weten we dus dat het verhaal op een illusie zal eindigen – de titel van de song maakt Claus’ denkbeelden duidelijk zonder iets te moeten zeggen over de inhoud ervan. Het lied werd vertolkt door o.a. Frank Sinatra, Tony Bennett, Engelbert Humperdinck, enz.  De ik verhaalt hoe in de lente (de tijd van de vruchtbaarheid, het herleven) (‘one day in early spring’) hij met iemand over het zand loopt, een jonge duif in de handen waarvan een vleugel gebroken is. De duif is het zinnebeeld van de gebroken relatie (‘the shadow of a smile’). De zanger (of zangeres in het geval van Ella Fitzgerald, Barbra Streisand, Nancy Sinatra – ook hier de tweeslachtigheid) is de geliefde niet vergeten en maant : ‘Look into my eyes / My love and see / All the lovely things / You are to me’.

Het zien.

Beeld: James Ensor, Maria Magdalena, ets, 1887

Advertenties