de chaos van henry de montherlant

door johan_velter

Bij leven werd Henry de Montherlant als 1 van de allerbelangrijkste schrijvers beschouwd, de man die de 20ste eeuw kon vatten en een handreiking was voor de komende eeuw. Hij behaalde geen Nobelprijs maar er werden boekenrekken vol over hem geschreven, het ene boek al hagiografischer dan het andere, maar twijfel was er niet, zelfs niet bij hen die hem afkeurden: de Montherlant behoorde bij de groten. In 1972 maakte hij een einde aan zijn leven: hij wilde niet blind, oud en versleten door het leven gaan. De strengheid van zijn leven heeft hij tot de laatste seconde bewaard. Maar ook dat heeft hem niet behoed: zelfs in Frankrijk wordt nog bar weinig naar hem verwezen.

De Montherlant past niet meer in deze tijd. Zijn misogynie wordt hem geëxcuseerd omdat hij ook een misantroop is – dit vermindert het echter niet. Maar het is ook niet waar: de vrouw is bij hem onderdanig, van secundaire orde. Het is de man die leidt en zelfs als hij mislukt, en het werk van De Montherlant is bevolkt met mislukkelingen, heeft hij toch een heldenstatus willen oproepen – iets wat de vrouw niet eens kan. De roman « Le chaos et la nuit » (1963) is het relaas van een Spaanse verzetsstrijder die na de val van de republiek samen met zijn dochter in Paris overleeft, niet tot daden komt, vegeteert en omwille van een erfenis naar Spanje terugkeert waar hij overlijdt. Bij De Montherlant zijn helden sukkels. Toch is het die scherpte die nog steeds aantrekkelijk is, een levenshouding die welhaast onwezenlijk is: een cartesiaanse geest die in zichzelf daalt om een ander te dissecteren. De Montherlant wijst heldhaftigheid af: men is verzetsheld bij toeval geworden: met wat meer toeval was men het tegenovergestelde geworden. In het voorwoord tot de roman schrijft hij over zijn hoofdpersonage – en weer zie je hoe de auteur ingrijpt in het boek en in wat de lezer moet begrijpen – de dood van de schrijver? Laat ons niet lachen : « […], je trouvai tentant de faire de lui un «  faux homme de gauche », se croyant anarchiste, mais surtout appartenant à ce monde ingénu, amer et merveilleux des êtres perpétuellement en marge, cultivant d’ailleurs leur singularité, voire leur ridicule, qui me semblent fréquents dans la société espagnole, et dont le patron est Don Quichotte. » (Gallimard, 1963, Collection soleil, p. 9-10). De Montherlant beschrijft het échec van de ideologie : hij toont de breuk tussen het waardensysteem, de woorden en het dagelijkse leven.

Uit bovenstaande kan men afleiden dat De Montherlant een ‘realistisch’ schrijver is, iemand die politieke en/of tendensromans schrijft. In zekere zin is dit ook zo: weten wat in naoorlogs Spanje en Frankrijk gebeurde, helpt de roman te begrijpen. Maar het gaat om meer: er is een menselijke existentie die beschreven wordt waardoor de roman boven het tijdsgewoel komt te staan. En er is een derde dimensie die maar al te gemakkelijk over het hoofd gezien wordt: dat van de verbeelding, het fantoom, een surrealistisch kader. En dan gaat het voornamelijk over de dood van het hoofdpersonage: hoe reëel is die? Dit is de spilvraag want in 1963, toen de roman verscheen, was de «Nouveau roman » en vogue en dan verschijnt een auteur die al jaren geen roman meer geschreven had met een ‘klassiek traditionele’ roman waarmee hij zichzelf buiten de tijd stelde en waardoor hij elk pleit bij voorbaat verloren had. Er was ook de moraal: de Montherlant verdedigde een sceptische, terughoudende levenshouding; de nieuwe tijd vroeg enthousiasme, daadkracht en toekomstgeloof. Maar zelfs De Montherlant schreef geen traditionele romanvorm, ook voor hem was de roman een mogelijkheid om te spiegelen, na te denken en vorm te geven waardoor hij het realisme kon laten varen en een hedendaagse Cervantes werd die de romanvorm veranderde. Henry de Montherlant was meer schrijver dan moralist.

Advertenties