boven de dingen, de geest

door johan_velter

saul bellow_1992_dejan stojanovic

Photograph taken during the Dejan Stojanovic’s interview with Saul Bellow at the University of Chicago in the spring of 1992.

Zeker, ‘The adventures of Augie March’ kan gelezen worden zoals het boek gelezen moet worden. De passiviteit van de hoofdfiguur tegenover het activisme van de anderen – merkwaardig genoeg is dit ook hét Joodse thema: studie of actie kan vertaald worden als handel of industrie waarbij de eerste vorm een minder exploiterende is. Een streven naar verzoening met de buitenwereld en daardoor met zichzelf, een zoektocht naar het ik. En dus een verkapte autobiografie – want niet de feiten zijn het belangrijkste in een leven, wel de verwarringen, de zoektochten, de twijfels en teleurstellingen, ja die laatste zelfs meer dan alle geluksmomenten samen. De roman is een zoeken hoe men zich kan overgeven en toch verzet kan blijven plegen : hoe te leven zonder zich al te veel te compromitteren, hoe de eigen individualiteit te behouden zonder kluizenaar te zijn. En uiteraard is er het bellowiaanse kenmerk van de veelheid, het polyfone, de ‘Rücksichtloskeit’ van de schrijver zelf die maar door blijft razen en het vertellen een eigen gang laat gaan zonder zich veel te bekommeren om een esthetische of morele richtlijn. Bij hem geen economie van de middelen of de zuivere scherpheid van de gedachte: sommige passages zijn zo duister dat men bij god en saint-daniël er geen staart aan kan krijgen. Je leest wel een gedachte maar is die gedachte origineel, een platitude, zegt deze gedachte überhaupt iets, wat is de functie hiervan in het verhaal, in mijn leven? Net zoals de ervaringsfeiten lijken de gedachtendaden al even duister te zijn. Is kennis mogelijk? Is ervaring mogelijk? Er is bij Saul Bellow misschien wel geen sprake van tegenstellingen of hindernissen die overwonnen moeten worden: alles is er en alles is te nemen. Dit is een barokke veelheid, zoals de wereld is, zo ook de gedachten, gevoelens en misleidingen van mensen. Het ene staat naast het andere, zonder onderscheid, zonder morele ordening, geen rangorde. Bij die veelvoudige natuur- en mensverschijnselen, aan de gedrochtelijke gedachtewereld voegt Saul Bellow, als chroniqueur van de 20ste eeuw, ook de dingen toe. ‘The adventures of Augie March’ kunnen we dan ook lezen als een tegenhanger van de ‘nouvelle vague’ in de Franse cultuurwereld (zowel film als literatuur) (of omgekeerd): wat doen de dingen met ons – nadat de 19de eeuw zich afvroeg wat de machines met ons deden en zoals ook in de tweede helft van de 20ste eeuw men zich afvroeg of de mens zelf geen robot werd. Maar altijd is het weer de angst dat de mens overweldigd zal worden door het levenloze, door wat hij zelf geschapen heeft ‘maar wat zonder ziel is achtergebleven’.

De 20ste eeuw heeft de modale mens het vraagstuk van de rijkdom opgesolferd : wat te doen met al die dingen, wat is de rechtvaardiging voor al dat materiële, wat is overvloed en hoe een leven op te bouwen te midden van al die dingen. De objecten die ons omringen, verwijten ons hun leegte terwijl de nog niet verworven dingen staan te roepen om gekocht te worden. De toekomst is verengd tot een verwerven, niet meer tot een zijn of een worden. ‘There is simply too much to think about : collected nonfiction’ van Saul Bellow (ed. Benjamin Taylor, Viking, 2015), toont in de titel reeds die veelheid aan en de daardoor ontstane patstelling, verlamdheid van de mens. Bellow is een moralist en hij legt de schrijver én de lezer daarom richtlijnen op, zijn boeken zijn handboeken, ook al is de gids niet altijd even betrouwbaar.

In het essay ‘The university as villain’ (1956) verdedigt hij zijn vorm van literatuur: ‘The very form of fiction is that of experience itself. Everything is to be viewed as though for the first time. The representation of things is imperative, for the things of a modern man’s life are important. They are important because man’s career on this earth is held to be important. Literature has been committed to the assertion of this importance for a long time. Unquestioned value. But what is the source of the value?’ (p. 40) Vandaag verbazen we ons over de stelling van Bellow dat de moderne mens een vooral geïnternaliseerd leven heeft maar hij voegt eraan toe: een geciviliseerde moderne mens – wat ons ook al als een probleem voorkomt. Is de moderne mens niet bij uitstek de uitwendige, gedreven door valse sentimenten gekooid als hij is door de goegemeente met haar benepen ideetjes, bekrompen billen en zure adem? Saul Bellow beschrijft de moderne wereld vanuit een humanistisch standpunt: ‘It is not easy to find the right way. You must learn to govern yourself, you must learn autonomy, you must manage your freedom or drown in it.’ Maar alles kan mislukken en richtlijnen zijn niet te geven: ‘It’s up to the spirit, altogether, and the spirit prints no timetable.’

Advertenties