kere weer om

door johan_velter

Net zoals bij de bibliotheken, slaan de musea op hol waaruit blijkt dat er een kloof bestaat tussen wat zich management noemt en wat de werkelijkheid is. Enerzijds een formalistisch vluchten in rapporten (maar het negeren van andere papieren), anderzijds een honger naar kennis, ernst en cultuur. Wat aan de top van de cultuurhuizen staat, is gericht op eigen carrière; de eigenlijke werking van de cultuur wordt onmogelijk gemaakt door dat vernietigend werk. Er is een driedubbel verlies: de teloorgang van culturele en wetenschappelijke professionaliteit, de kunstliefhebber wordt gebruuskeerd en aan de kant geschoven, de cultuur en wetenschap worden verdrongen uit het publieke domein – in de plaats van de hersenen, komt een slijmerig iets.
‘Zaal Z’ is het tijdschrift van het ‘Koninklijk Museum voor Schone Kunsten Antwerpen’. In het nummer van september-november 2015 wordt verslag gedaan van een ‘studiereis’ naar New York– toch eigenaardig dat management nog altijd geen kennis genomen heeft van de zogenaamde digitale revolutie. Is men naar New York gevlogen om kunstwerken materieel te bekijken, onderzoeken, vergelijken? 17 medewerkers zijn naar New York gevlogen (wat gelijk staat aan 17 jaren anti-ecologisch leven) om te kijken hoe men ginder aan ‘publieksbemiddeling’ doet – toch eigenaardig dat de Vlaamse lezer dit kan lezen maar dat 17 museummedewerkers daarvoor de nachtrust van medeburgers moeten verstoren.
Men verantwoordt de ‘publieksbemiddeling’ omdat het ‘publiek steeds meer divers is’. Het probleem: het is een leugen. De leugen van de onderhorige houdt de politieke leugen in stand. Het publiek is niet divers – en de oorzaak daarvan is tweeledig. Enerzijds bezit de islamitische cultuur een andere visuele cultuur dan de Westerse en anderzijds heeft men de allochtonen in hun getto’s opgesloten en gezegd dat er geen ‘volksverheffing’ meer moest zijn. Het resultaat is een breuk die niet meer te helen is. En zelfs als het publiek divers zou zijn, dan nog blijven de Westerse kunstwerken de Westerse kunstwerken. Het is een verdraaide houding zich af te keren van de kunst en zich te richten naar de negatie ervan. Enerzijds spreekt men van ‘multiculturaliteit’, anderzijds aanvaardt men die niet in de praktijk en wil men de verschillende culturen terugbrengen tot één cultuur en beschouwt men de andere culturen slechts als een oppervlakkig middel, een te verwaarlozen laag.
Welk warm water heeft men in New York ontdekt? ‘Slow looking’ : samen [sic] één uur naar een kunstwerk kijken en daarover praten. Dit is de onzin van Bert Anciaux en zijn hofaapje. Wat wenst men verder? Een nauwe band met de buurt. Net alsof de niet-buurtbewoners van mindere waarde zijn. Is dit een cultuurbeleid? Dit is bezigheidstherapie – bandwerk dat de werkelijkheid aan het oog onttrekt én waardoor gelden niet op een verantwoorde manier besteed kunnen worden. Men geeft een voorbeeld: op het plein voor het Brooklyn Museum wandelen ‘nannies’ met kinderen. Museummedewerkers spraken de ‘verzorgers’ aan en ontwikkelden een programma voor hen en de kinderen van 2 à 3 jaar. Kan het onzinniger? Waarom moet een maniëristisch schilderij aan kinderen geduid worden? En waarom worden de fabrieksarbeiders niet aangesproken? Onder het mom van sociale politiek, doet men aan cultuurterrorisme.
En vooral: de socratische leugen wordt weer boven gehaald – tegelijkertijd wordt kennis en intelligentie verdacht gemaakt. ‘We namen samen de tijd om het werk [‘De heilige Franciscus’ van Bellini] in ons op te nemen, vanuit verschillende standpunten. Iedereen kon spontaan zijn indrukken delen. Stapje voor stapje vulde Rika onze observaties aan met bijkomende informatie. Het was een verrijkende ervaring om collectief betekenis te geven aan een intrigerend schilderij. Rika bepleit hierbij een nieuwe rol voor de museumgids én de bezoeker. De museumgids stelt zich niet op als de expert maar als begeleider van een groepsgesprek. De bezoeker is geen passieve luisteraar, maar een actieve kijker die zijn kennis, ervaringen en vragen deelt met de groep.’
Metafysica kan niet zonder leugen, de leugen heeft de groep nodig.

Advertenties