vooruit, vooruit achteruit (1)

door johan_velter

de vooruit_gent_2

Generaties hebben decennialang gevochten en geleden om geen politieke kunst te moeten maken. De verhalen van Brodsky zijn sprekend genoeg en moeten niet herhaald worden. Politieke kunst is een contradictio in terminis : kunst is vrij, is een kind van de fantasie, heeft meer met Cupido te maken dan met verantwoordelijkheidsgevoel. Er zijn kunstenaars die wel politieke kunst gemaakt hebben – meer kunst dan politiek dan – maar de geijkte voorbeelden zijn meer cartoon (Grosz) dan kunst.

In dit land, in deze tijd, op het moment dat deze cultuur nood heeft aan vrijheid, verbeelding en verantwoordelijkheid tegenover kunst en kennis, leggen de kunstenaars zich vrijwillig onder de botte bijl van de politiek. De sociaal-artistieke projecten hebben geen enkele importantie: net zoals een braderie houden ze de mensen op de straat, er is beweging in de stad en de middenstand profiteert. De middenstand? Zou het dan niet kunnen dat de sociaal-artistieke projecten een middel zijn om het consumptiekapitalisme verder te ontwikkelen? Niet enkel de portemonnee en de geest maar ook de verbeelding moet gekolonialiseerd worden. De kunstenaars zonder naam doen gretig mee, scharrelend in de subsidiepot. De politici voelen zich een mecenas en tonen zich ook zo, in werkelijkheid behandelen ze de kunstenaars als hun persoonlijke aapjes. Niet de cultuur is belangrijk, wel hun herverkiezing.

Er is een omerta in de culturele wereld. Het systeem van subsidies heeft ervoor gezorgd dat niemand nog kritiek durft te geven op de inhoudelijke programma’s van de anderen. Elk is nu in werkelijkheid een economische concurrent van een ander geworden. Cultuurinstellingen gedragen zich als bedrijven maar ze ontsnappen aan de controle en de kritiek die de economische wereld wel ondergaat. Sommige instellingen tenderen naar een monopolie-positie – ook dit is een economische wetmatigheid. Niet langer is ‘het product’ het belangrijkste maar wel het functioneren van de instelling zelf, het overleven, de positieve balans. Zowel het Muhka als het Smak richten de blik naar binnenin, ‘reflecteren’ over het museum en het verleden maar verwaarlozen daarmee hun culturele taak die er ook in bestaat mensen te informeren over de huidige stand van zaken in de kunstwereld. De wereld is het terrein van de kranten.

Vandaar ook bijvoorbeeld de uitbuiting door die instellingen, niet alleen van de beeldende kunstenaars maar ook van het eigen personeel. Juist omwille van hun sympathiek-zijn (de cultuur, de herinnering aan een verleden en de volksverheffing) krijgen deze instellingen ‘carte blanche’ waardoor ze niet alleen hun eigen doel verzaken (het in stand houden van kunst en cultuur) maar ook de middelen verloochenen – en het middel was een humane arbeidsorganisatie opzetten waar mensen recht gedaan werd, waar vervreemding niet onlosmakelijk met arbeid verbonden was, waar prestatie niet die vernietigende betekenis had. Zie bijvoorbeeld
https://vooruit.be/nl/magazine/detail/1739/Stralend_opbranden_en_stenen_stapelen
Deze organisaties hebben niet alleen een werking (de werking is dikwijls ook een verdoezelen van waar het echt om draait) maar hebben zich ook genesteld in allerlei adviesorganen, hun invloed gaat verder dan wat louter legaal is. Er is een symbiose tussen cultuur en politiek ontstaan waardoor de corruptie alle kansen krijgt. Als huidig rechts de huidige cultuurpolitiek aanvalt, dan is daar de oorzaak te zoeken: de cultuurinstellingen zijn de facto de propagandamachines van de sociaal-democratie geworden en deze is zelf de wegbereider van het consumptie-kapitalisme – zie wat het beleid van deze antisocialistische partijen. Herinner u, herinner u.

De cultuurinstellingen bepalen zelf, al dan niet door hun handlangers, hun broodheren of hun ledenpoppen, niet alleen hoe hoog de subsidies zullen zijn, leggen ook zelf de criteria vast waaraan men moet voldoen om aan geld te geraken maar leggen ook zelf de ‘nieuwe accenten’ op. Met andere woorden: het beleid van de bevriende minister wordt vertaald in projecten die dan geld toegeschoven krijgen. De volgorde moet echter wel in het oog gehouden worden: het gaat niet om behoeften, het systeem is omgekeerd. Eerst is er het geld, nadien de verzinsels.

De werkwijze is identiek aan wat bijvoorbeeld in een stad als Gent gebeurt: de Europese, Vlaamse of federale politiek stelt projecten voor, zet daar een bedrag tegenover daarop worden stedelijke acties verzonnen. Niet vanuit de noden van de basis wordt vertrokken, wel wordt gezocht naar subsidie-uiers. Het geld regeert.

Als de ‘Vooruit’, het zogenaamde cultuurcentrum van Gent, zijn actieterrein verlegt van cultuur naar politiek dan komt dit niet vanuit een maatschappelijke bezorgdheid maar omdat de subsidiestromen dit nu eenmaal vragen én omdat deze cultuursector en deze –verantwoordelijken behoren tot de kongsi van de macht.

Bijen op het dak, een oogvernietigend, esthetisch afschuwelijk bijgebouw, een architecturaal gedrocht, dat een ecologisch terras noemen en zo ook geloofd worden – daarin slaagt men als men de media meeheeft, terwijl het terras louter en alleen diende om meer omzet te draaien. De natuur redt men niet met bijenkorven op het dak te plaatsen, struiken te laten woekeren, planten geen water te geven. Het consumptiekapitalisme moet aangepakt worden.

Dan komt de sociaal-democratische oppositie aan het woord: verontwaardigd dat ‘de mensen’ niet de door de regering beloofde 100 euro zullen vangen maar 75 euro, of kom gauw, 60 euro, nee, geen 20 euro. Denkt de sociaal-democratie het consumptiekapitalisme te kunnen stop zetten door de mensen nog meer te laten consumeren? Links zit gevangen in haar eigen beperkte kaders: men komt zogezegd op voor het volk, en men vertaalt dit geldelijk; terwijl opkomen voor de mensen zou moeten betekenen mensen minder te doen werken, hen minder te laten consumeren, beter onderwijs te geven en een zinvolle tijdsbesteding mogelijk te maken. Dat het Westen het met minder zal moeten doen, is juist daar te situeren: minder uitgeven, beter leven. Geen kwantiteit, kwaliteit. Minder vorm, meer inhoud.

Advertenties