wedden?

door johan_velter

Wedden dat ik 15 clichés/domheden kan halen uit het interview dat Karl Van den Broeck met de nieuwe directeur van het Vlaams Fonds voor de Letteren, Koen Van Bockstal, had (DM, 18-02-12)? Toegegeven, Van den Broeck is niet de intelligentste dus ligt het ook aan de vraagstelling en het uitschrijven. Maar anderzijds is Van den Broeck een machtshorige. (In Knack heeft hij steeds Joke Schauvliege verdedigd, de minister die, ja wat?) Dus heeft hij Koen Van Bockstal (KVB) alle ruimte gegeven om zich breed te presenteren.

  1. ‘[…] het Vlaams Fonds voor de Letteren, dat een unieke positie bekleedt in het cultuurlandschap.’ Nogal wiedes. Ook Karl Van den Broeck (KVDB) bekleedt een unieke positie. Maar is dat unieke ook een waarde en waarom zou dat zo positief zijn?
  2. ‘er komt overleg en samenwerking met de Stichting Lezen om de leesbevordering, of ‘de bevordering van het leesplezier’ te versterken’. Dit wordt een voorbeeld van een geïntegreerd letterenbeleid genoemd. Wat niet juist is. Dit is een voorbeeld van organisaties die zwak staan en steun zoeken bij elkaar. Niet de leesbevordering is de doelstelling, wel het in stand houden van de organisaties, de macht. Ik wacht nog altijd op het eerste rapport dat duidelijk maakt wat ‘Stichting lezen’ bereikt heeft. Het uitdelen van flutboekjes aan pendelaars is géén leesbevordering. Ook het ‘Fonds’ staat niet in voor leesbevordering: het verdedigt de belangen van de schrijvers en hun commerciële uitgevers. Het is opvallend, maar nergens wordt de lezer zelf vertegenwoordigd: hij is de consument die lijdzaam moet ondergaan.
  3. KVDB constateert: ‘Het zijn woelige tijden in het boekenvak.’ KVB antwoordt ‘Toch is er bij ons nog steeds sprake van een groeiende markt.’ Spreekt KVB hier over de poëzieverkoop? Over de productie van papier? Over literatuur? KVB gebruikt de voor zijn beleid niet-relevante cijfers van boek.be. Als hij hierop zijn beleid baseert, dan zal er geen beleid zijn.
  4. KVB: ‘Er verschijnen per jaar zo’n 25.000 titels in ons taalgebied.’ Gaat het hier over Nederland en Vlaanderen samen? Op welke rapporten is dit cijfer gesteund? KVB leidt hieruit af dat er beter wat minder titels zouden verschijnen: ‘Dan hebben ze meer tijd voor redactionele begeleiding, de relatie met de auteur en de promotie.’ KVB zegt dus dat de uitgeverijen nu niet professioneel werken. Maar wat heeft het Fonds te maken met ’25.000 titels’: slechts een klein deel is immers relevant voor het Fonds. Als het zich niet zou bezig houden met strips, zou ze een literair beleid kunnen uitwerken en dus een Fonds voor de Letteren zijn.
  5. KVDB: ‘De doodklokken hebben al ontelbare keren geluid over het boek. Toch is het boek hét statussymbool van deze tijd.’ Ontelbare keren? Hoe kan het boek een statussymbool zijn als het zo slecht met het boek gaat? Het is niet omdat politici en koks boeken uitbrengen dat het boek een statussymbool is, maar wel dat het boek een product is dat in het verlengde ligt van de leugen en de consumptie.
  6. KVB: ‘Het imago van het boek is onverwoestbaar.’ Dit cliché telt voor 2.
  7. KVB: ‘Het imago van het boek is onverwoestbaar.’ Dit cliché telt voor 2.
  8. KVB: ‘Een boek is blijvend en dwingend.’ Blijvend: zelfs antiquariaten verdwijnen. Dwingend? Volgens Van Dale: ‘noodzakend, gebiedend, aandringend om zijn zin te krijgen.’
  9. KVB: ‘Ik geloof niet dat het [het boek, jv] ooit helemaal verdwijnt.’ Niet helemaal? Alleen het binnenwerk? Alleen de verslagen van overheidsinstanties? Dat de directeur van het VFL een gelovige is, zou toch geen rol mogen spelen in zijn beleid.
  10. KVB: ‘Trouwens, in de muziek worden er nog steeds heel veel fysieke dragers verkocht. Vinyl is zelfs helemaal terug van weggeweest voor de echte liefhebber.’ Hoe men stro zoekt. De redenering loopt ook mank: vinyl is helemaal [sic] terug voor de echte [sic] liefhebber. M.a.w. vinyl is er enkel voor een nichepubliek. En is géén argument tegen de digitalisering.
  11. KVDB: ‘Klopt het dat het e-book hier niet van de grond komt omdat wij nog een fijnmazig netwerk van boekhandels hebben?’ Een fijnmazig net? In een stad als Gent bijvoorbeeld is er géén algemene boekhandel die die naam waardig is. Wat men ook moge beweren. Een kwalitatieve boekhandel heeft boeken in voorraad die ouder zijn dan 10 jaar, biedt alle genres aan en kan deskundig advies geven. KVB noemt als voorbeeld ‘Het Paard van Troje in Gent’: dit is nu een voorbeeld van een boekhandel die slechts de waan van de dag aanbiedt. Als het beleid dit soort boekhandel wil steunen, dan is er geen inhoudelijk kwalitatief beleid.
  12. KVDB stelt dat het verdelen van subsidies door het VFL de mogelijkheid tot kliekjesmentaliteit creëert. KVB bevestigt dit maar, zoals de Vlaamse Auteursvereniging concludeerde, is dit het beste systeem. Luister nu hoe het beleid werkt: ‘Wij zorgen ervoor dat er binnen de commissies geen kliekjes gevormd kunnen worden. Er zitten telkens vijf mensen in, met een wisselsysteem waarbij er jaarlijks mensen uitstromen en instromen. De criteria streven maximale objectiviteit na.’ KVB beschrijft hier een procedure maar dat is natuurlijk geen garantie tegen ‘kliekjesmentaliteit’. Hij doet dus alsof er op dat vlak een beleid is, terwijl het er geen is. Want hij kan wel formele regels opleggen voor ‘binnen de commissies’, er is ‘buiten’ de commissies een grotere wereld.
  13. KVB vervolgt de voorgaande zinnen met ‘Zo is professionalisme een belangrijk vereiste. Mensen die in eigen beheer uitgeven komen niet in aanmerking.’ Wat deze zinnen met het voorgaande te maken hebben, is mij een raadsel. Wat ‘professionalisme’ betreft, kunnen we (nogmaals) MTB – Mocking the Book als voorbeeld nemen. Eind vorig jaar werden folders verspreid met de aankondiging van de data waarop er met het boek en de intelligentie in de Vooruit van Gent zou gelachen worden. Er werd enkel gecommuniceerd over de data (9-11 maart 2012). Geen enkele schrijver werd vernoemd en er werd verwezen naar de voorbije editie die uiteraard een succes was. Eind februari 2012 worden de folders met het progr
    amma verspreid. Susan Neiman wordt echter nog altijd niet vermeld. Men heeft twee jaar de tijd om een programma samen te stellen maar op het laatste moment moeten nog schrijvers toegevoegd worden. Niet omdat het programma dit vraagt, wel om de subsidies te kunnen rechtvaardigen. Er werd dus een subsidiedossier ingediend zonder namen. Ook het drukwerk is dan enkel bedoeld om het subsidiegeld op te maken. Is dit het professionalisme dat het fonds voorstaat
    ? En die schaamteloze arrogantie en domheid die zich een oordeel aanmatigt over ‘uitgeven in eigen beheer’? Is dit professionalisme? Terwijl in deze tijd juist de wisseling van distributiekanalen één van de belangrijkste items geworden is? In welke tijd leeft KVB? Welke financiële belangen heeft hij te verdedigen?
  14. KVB: ‘Wij hebben ook een brede opvatting over literatuur. Ook kwaliteitsvolle strips en thrillers worden door ons gesteund.’ Een eerlijke mens zou zeggen: wij hebben geen benul van literatuur, wij geven geld aan wat zich aandient.
  15. KVB: ‘Nu gebeurt het dat je in de bib [sic] té dominant boeken terugvindt die in de top-50 staan. Een [sic] recent onderzoek van een masterstudent aan de UGent toonde aan dat een divers aanbod en de aanwezigheid van moeilijke genres in bibliotheken vandaag géén evidenties zijn en dat is zorgwekkend.’ Primo: de top-50 bestaat niet. Secundo: de bibliotheken bieden aan wat uitgevers uitgeven en wat lezers lezen. Als KVB zich niet zou richten naar de uitgevers die door boek.be vertegenwoordigd worden, zouden er misschien meer genres aanwezig zijn in bibliotheken. En als ‘Stichting lezen’ al al die jaren zulk fantastisch goed werk verricht heeft, waarom lezen lezers dan zoveel snert?
  16. (1 extra toont aan dat er nog veel meer clichés zijn.) KVB: ‘Maar onderschat niet dat heel veel mensen uit kansengroepen alleen maar in de bib [sic] toegang hebben tot boeken en het internet. Dat heeft ook een grote sociale en maatschappelijke waarde.’ En welk onderzoek heeft dit ‘bewezen’? Is dit ook een masterstudie? En welke boeken bedoelt KVB? En wat zoekt men op internet op volgens KVB? En welke grote sociale en maatschappelijke waarde wordt hier bedoeld? En hoe zal sociaal tegenover maatschappelijk gedefinieerd worden?

 

Helaas. Weddenschap gewonnen.

Advertisements