seneca, kosmopoliet

door johan_velter

Het stoïcisme lijkt een politieke filosofie te zijn die een mens aanzet zich terug te trekken. Al wat buiten de mens zelf is, heeft geen waarde, is niet de moeite om er door meegesleept te worden. Als het andere geen waarde heeft, waarom zich dan te engageren? Waarom de wereld te willen verbeteren? Het enige wat kan en belangrijk is, is toch jezelf?

Seneca was de leermeester van Nero. Hij heeft daardoor macht en geld kunnen vergaren. Hij heeft Nero niet van zijn misdaden kunnen weerhouden. Seneca heeft dus gefaald op persoonlijk en op maatschappelijk gebied.

Dit is de (schijnbare?) contradictie in het leven van Seneca geweest, de reden waarom men hem hypocriet genoemd heeft. Dat er een deel hypocrisie aanwezig was, zal wel zo zijn maar er is toch meer. Misschien kunnen de woorden van Seneca ook begrepen worden in spinozistishe zin. Het is zinloos en dom zich te verzetten tegen de tijd. Beter is het zich gedeeltelijk te laten meedrijven en op die manier een invloed te kunnen uitoefenen. Niet het botsen, het leiden. Toch blijft de stoa een individualistische filosofie. Ze vraagt veel van de mens en ze veronderstelt dat elk mens een rationeel wezen is waarmee gediscussieerd kan worden, warmee waarden gedeeld kunnen worden. Quod non.

In 2008 verscheen bij Atalanta te Utrecht van de anarchist Rymke Wiersma het boek ‘Stoïsche notities: de stoïcijnen en andere klassieke filosofen als bron van inspiratie voor geluk en een mooiere wereld’. Met een zekere ergernis legt ze de zwakke punten bloot. Seneca mag wel beweren dat hij los staat van alle rijkdom (waarin hij zwelgt) omdat hij een wijze is. Even goed kon hij dan ook arm zijn. (Maar de Romeinen kenden nog niet de romantiek van de armoede.) Ze concludeert dat Seneca opvallend veel op genieten gericht is en dat zijn woorden wel heel gemakkelijk door inferieure mensen, zoals managers, gebruikt kunnen worden.

Toch kan de stoa ook de politiek inspireren. Het zelfbehoud is maar mogelijk als het individu in een wereld leeft waar dit mogelijk is. Er moet minstens vrede zijn, de maslowiaanse basisvoorwaarden moeten aanwezig zijn, er moet een levenskunst bestaan. Het is dus logisch dat het individu op zijn maatschappij gericht is. De stoa zegt dat ‘deze maatschappij’ de hele wereld is. Het kosmopolitisme is een uitbreiding van het zelfbehoud en tegelijkertijd is het een verduidelijking van de zogezegd berustende houding: wat gebeurt, is een kosmologisch gebeuren. Niet de uiterlijke kenmerken van de mens (rijkdom, roem, status, geslacht, huidskleur) maken de verschillen. Het mens-zijn is het unieke kenmerk dat belangrijk is en gelijk maakt.

Advertenties