wat details rond wapenbroeders van louis paul boon (6)

door johan_velter

Er is ook een andere zijde. Je zou kunnen zeggen: de wilde typografie behoort bij de wilde stijl van Boon. De ongebondenheid van het standpunt weerspiegelt zich in de bric-à-brac van de typografie. De opstand tegen de orde is een omkering van de vorm. Een anti-burgerlijk gedoe. (Zo kan alles een verklaring krijgen.)

Dit zou kunnen maar er is dan een contradictie. Boon heeft expliciet verklaard dat hij al die verhalen uit de Middeleeuwen tot een roman heeft willen én kunnen smeden: van dat wanordelijke heeft hij een echte roman willen maken. Hij heeft daarmee het historisch verhaal in de 20ste eeuw willen trekken. De chaos van de middeleeuwse verbeelding, die geen toekomstige vorm nodig had, heeft Boon in een vorm van de 20ste eeuw willen steken. Boon schrijft op p. 131 (1955): [ —] want zij wisten nog geen roman te bouwen zoals wij, zij konden in die tijd alleen maar verhalen zeer slordig aan een draadje rijgen [— ]. Boon bedoelde dit niet ironisch: zijn ambitie was wel degelijk de roman te vernieuwen met elementen uit het verleden maar die delen moesten levend zijn, niet dood zoals de (roman)literatuur van zijn tijd in zijn ogen was.

Louis Paul Boon heeft zelf verklaard dat hij zijn boeken niet herlas. Waarom zou hij ook? In de tweede (1968) en volgende drukken is een klein aantal fouten geslopen dat niet in de 1ste druk van 1955 voorkwam. Het zetwerk is anders maar doordat het om relatief korte stukken gaat, is de paginering min of meer dezelfde gebleven.

We beginnen met het motto. In de eerste druk staat: ‘Hem vernoide soo haerde’, in de 2de: ‘Hem vernoeide soo haerde’. De 2de is fout.

Op p. 32 wordt een gedicht van Karel Van de Woestijne (‘Ik heb een vrouw, ik heb een kind’ uit ‘De gulden schaduw’) geparafraseerd: “’k heb een vrouw en ’k heb een kind en ’k heb in ’t harde harte zorgen“. De zetter van de tweede druk maakte er dit van “’ik heb een vrouw […]”. Op pagina 94 begint het hoofdstuk met ‘Dit is de kusfabel […]’, de 2de druk en volgende beginnen met ‘Dis is de kusfabel […]. ” Op dezelfde bladzijde staat de ‘doodstomme mus’, waar je een ‘doofstomme’ zou verwachten. Maar er staat ook in de 1ste druk ‘doodstomme’. Op pagina 110: ” — vobiscum sprak hij uit als ‘kom’” wordt in de 2de druk ” — vobiscum sprak hij uit als kom’”. Op p. 118 wordt dit min of meer herhaald en staat het ook in de 2de druk dan juist. Pagina 166: ‘al genas uw vader van zijn wonden, immer ten allen stonde zal hij zijn ten zoeten spele mat.’ Een onbegrijpelijke zin die in de 2de druk verbeterd werd tot ‘al genas uw vader van zijn wonden, immer ten allen stonde zat hij zijn ten zoeten spele mat.’ Een onbegrijpelijke zin maar nu met een dubbel in plaats van een enkel binnenrijm. Pagina 179 van de 2de druk: ‘En naast hem zat nobeline, die om zich heen keek en het eerst van al de heer ontwaarde […].’ In de 1ste druk staat ‘beer’, wat juist was.

Boelvaar poef, het recentere tijdschrift van het LP Boongenootschap (o wat is de historie van dat genootschap toch een booniaanse geschiedenis!), heeft een nummer aan ‘Wapenbroeders’ gewijd (juni 2005). Op de website kun je lezen dat het genootschap een ‘verantwoordelijke uitveger’ heeft, dat het ene bestuurslid zich voltijds kan wijden aan zijn ‘hobby’s: zijn vrouwtje, zijn kinderen, zijn boeken en vooral het Louis Paul Boon Genootschap.’, en een ander ‘Houdt van zijn vriendin, mooi bedrukt papier, aangenaam gezelschap, reizen, lekker eten en drinken, lezen, kunst en zelf wat artistiek bezig zijn.’

Op pagina 4 wordt de eerste uitgave van ‘Wapenbroeders’ afgebeeld. Volgens het bijschrift 1950, het moet 1955 zijn. Op p. 23 staat de omslag van de derde druk afgebeeld ‘met een omslagtekening van Wout Muller’. Dit is verkeerd: het is een detail van een prent uit het ‘livre d’heures’ van Maria van Bourgondië. (In het daaropvolgende nummer staat op p. 10 in het bijschrift: ‘Wijlen Paul Snoek, …’, terwijl op de foto Paul Koeck in een compromitterende positie staat. En dan weet je weer waarom je naar je eigen reservaat gevlucht bent.) Dit om te zeggen dat dit speciaal nummer weinig indrukwekkend is.

Advertenties