23 dingen over de teleurgang van de openbare bibliotheek (1)

door johan_velter

23_dingen

De openbare bibliotheken gaan overal in hun werking achteruit. Er is geen land, geen stad, geen vestiging waar dit niet gebeurt. Het bereik van een openbare bibliotheek verkleint op twee vlakken. Er zijn minder leden en de leden lenen minder uit. Omdat de achteruitgang overal gebeurt, is dit een sociologisch gegeven, een cultuurfenomeen. Het gaat er dan om om gepast te reageren. Toch gebeurt dit zelden. Integendeel, de maatregelen die genomen worden versnellen het proces.

Overal ter wereld worden nieuwe bibliotheken gebouwd. Het model is de shopping mall. Door een sterk cultuurfenomeen te imiteren, hoopt de bibliotheekwereld (in feite de politiek) het tij te keren. De beslissingen om nieuwe gebouwen neer te zetten, worden echter genomen op basis van verwrongen feiten, gemanipuleerde cijfers en een sentimentele (d.i. nationalistisch/provincialistisch/citistisch geïnspireerde) politiek. Ook de politiek weet niet hoe zich in deze cultuurwisseling te gedragen.

De ommekeer heeft ook te maken met de invasie van persoonlijke gevoelselementen in het publieke domein. Overal ter wereld staan de ‘loketfuncties’ onder druk. ‘Loket’ staat hier voor openbare dienstverlening. Dit is een tweerichtingsverkeer. Enerzijds vindt de maatschappij dat er geen diensten verleend moeten worden: het gaat om rechten en bovendien is het ‘van ons geld’. Anderzijds is het dienstverleningsbeleid gebaseerd op het economisch model waardoor niet de dienstverlening maar het eigen overleven centraal staat. Alle dienstverlening wordt daardoor overgeleverd aan de straat. Het beleid van ‘De Lijn’ is daarvoor symptomatisch: politiek gecorrumpeerd, werkend met twijfelachtige cijfers, maatschappelijke doeleinden die niet gehaald en ingeruild worden voor eigen noden, nevenfactoren die de eigenlijke werking dwarsbomen en de maatschappij (het publieke domein) ondermijnen.

De omkering van privaat/publiek is een onderdeel van de cultuurwisseling van een humanistisch mensbeeld naar het huidige, onbenoemde beeld. De republiek der letteren stond voor een objectiverend, afstandelijk, door kennis gevoed handelen. De mens moest zichzelf verbeteren en een morele standaard halen, daardoor kon de maatschappij als geheel zich ook verbeteren. Standaarden, normen zijn vervallen, alles kan en mag. Het voordeel is de vrijheid, het nadeel de leegte.

Een sector die onder druk staat, trekt zich in zichzelf terug. De doeleinden worden verwaarloosd, de middelen halen de bovenhand. In de bibliotheeksector: niet de lees- of boekcultuur staat centraal, wel de eigen werking. ‘Stichting lezen’ kan bekroond worden omwille van haar werking, terwijl alles er op wijst dat haar doelstellingen helemaal niet gehaald worden en dat haar middelen (een flutboekje uitdelen aan treinreizigers) naast de kwestie zijn. De ironie die niet begrepen wordt: een stichting die het publieke goed dient te verdedigen doet dit in een sector waar dat publieke goed in verval is.
Men is niet langer in staat een maatschappelijke analyse op te zetten. Daardoor houdt men zich bezig met futiliteiten, doet men stelselmatig het verkeerde, wordt alle kritiek gesmoord in dreigementen. Er ontstaat een kloof tussen wat werkelijk is en wat mag gezegd worden. Overal ter wereld gaan de openbare bibliotheken achteruit en toch is geen enkel initiatief, geen enkel project ooit mislukt.

Hier en elders hebben we daar al op gewezen:
http://www.vvbad.be/taxonomy/term/458?tijdschrifttitel=0&doelgroep=0&onderwerp=0&auteur=720″

Het gaat om sociologie. We zien hoe een zwakke sector zwakke elementen aantrekt waardoor de sector nog verder verzwakt. Als leesbevordering worden de bezoekers van de bibliotheek van de 21ste eeuw verwelkomd door clowns. Men vindt zichzelf tof. De omerta van de domheid. Deze kleine reeks is een illustratie van sociologische wetten.

Advertenties