de merel in de literatuur (62)

door johan_velter

Voor sommigen is 13 een ongeluksgetal. Voor anderen juist het geluk. Madeleine Milhaud schreef ‘Le nombre “13” nous a toujours porté bonheur donc il [Darius Milhaud] m’a dédié son treizième quatuor.’ Dertien is het getal van de eenheid, de volheid, de heelheid. Zoals het getal 10 dat ook is. Dertien komt na 12, de twaalf maanden, de 12 astrologische tekens. 13 is het getal dat een nieuwe cyclus begint, het is het cijfer van de heropstanding, heropleving. Het kondigt aan: het nieuwe leven, een nieuwe cyclus.

Bart Eeckhout schreef in ‘Wallace Stevens and the Limits of Reading and Writing’ (University of Missouri Press, 2002): ‘[…], the inspiration for his early antisystematic and pluralistic poetic manifesto, ‘Thirteen Ways of Looking at a Blackbird’ (1917), may well have derived in part from a classic paper published by Arthur Lovejoy in ‘The Journal of Philosophy’ one year after James’s ‘Pragmatism’ was published, for that paper carried as a title ‘The Thirteen Pragmatisms’. Thirteen, it may be worth recalling, has always been the favorite number for representing uncontainability and irreducible plurality.’

13 kan dus veel betekenen.

‘Thirteen Ways of Looking at a Blackbird’ werd twee maal in het Nederlands vertaald. Een eerste keer door Hugo Claus in ‘Tijd en Mens’, nr. 6 (juli-augustus 1950), een tweede maal door Peter Nijmeijer (Lannoo, 2003). Het zijn 13 fragmenten, momentopnamen.

Over dit gedicht is veel gezegd en uiteindelijk ook niet zo veel. Er zijn vier problematische begrippen in de titel van het gedicht: dertien, manieren, kijken en merel. Een getal opnemen in poëzie is hoe dan ook ongewoon. Dertien is een getal waarrond veel betekenissen geweven zijn. ‘Manieren’, ‘wijzen’ duidt op een actieve houding én op een plurale verhouding tot de wereld (niet het ding verandert). ‘Kijken’ is dan weer eerder een passieve houding: het is een registreren, niet een ingrijpen. Men kijkt gedachteloos, men ziet iets. Gaat het om de Europese of de Amerikaanse merel? Gaat het om het welluidend zingen of om het krassen? Als de merel een metafoor is, voor wat staat hij dan? Velen hebben zich laten overklassen en onzinnigheden uitgekraamd (bijvoorbeeld: de merel staat voor de milieuverontreiniging in het Westen of de merel staat voor de dood). Of is de merel gewoon een toevalligheid en had Wallace Stevens ook over een tak van een boom kunnen schrijven? De merel als de wereld, de natuur.

Helen Vendler schreef: ‘The blackbird is the only element in nature which is aesthetically compatible with bleak light and bare limbs: he is, we may say, a certain kind of language, opposed to euphony, to those “noble accents and lucid inescapable rhythms” which Stevens used so memorably elsewhere in Harmonium. … There are thirteen ways of looking at a blackbird because thirteen is the eccentric number; Stevens is almost medieval in his relish for external form. This poetry will be one of inflection and innuendo; the inflections are the heard melodies (the whistling of the blackbird) and the innuendoes are what is left out (the silence just after the whistling). Helen Vendler hoort de Amerikaanse merel.

Hugo Claus ‘bewerkte’, transformeerde dit gedicht naar zijn ’Tien manieren om naar P.B.S. te kijken’. Het is omdat Claus ‘de merel’ als poëzie gelezen heeft, dat hij het dichten als onderwerp van deze cyclus genomen heeft.

Het embleem van het ‘Seamus Heaney Centre for Poetry’ is de merel. En de verantwoording van Ciaran Carson is: ‘There are, to paraphrase Wallace Stevens, at least thirteen ways of looking at a blackbird; and the blackbird can be heard in many ways. Poetry resides in that ambiguity, and that is why the blackbird has been chosen as the emblem of the Seamus Heaney Centre for Poetry. We are a Centre of international excellence, looking from Ireland to Britain, America and beyond. Likewise the blackbird – emblem of music and freedom, of flight and cunning – sings and is heard from the margins.

‘Thirteen Ways of Looking at a Blackbird’ kan dus op verschillende manieren gelezen worden. Men kan de nadruk leggen op de manieren of op de merel. Beide kunnen ook gecombineerd worden en we kunnen dan op 13 manieren naar poëzie kijken. Zoals Cézanne naar de Mont Sainte Victoire keek. (Peter Handke: ‘Und so sehe ich jetzt auch Cézannes ‘Verwirklichungen’ (nur dass ich mich davor aufrichte, statt niederzuknien): Verwandlung und Bergung der Dinge in Gefahr — nicht in einer religiösen Zeremonie, sondern in der Glaubensform, die des Malers Geheimnis war.’ Die Lehre der Sainte-Victoire, 1980, p. 84)
 

Advertenties