het heeft ook nooit bestaan (3)

door johan_velter

Naenia

Het werk ‘Het ideale boek: honderd jaar private press in Nederland, 1910-2010’ bulkt van de foto’s maar daarom krijgt men nog niet de informatie die men wenst. Op p. 22 wordt bijvoorbeeld Vondels Gijsbrecht van Amstel, versierd door A.J. Der Kinderen en uitgegeven door Erven Bohn te Haarlem als een meesterwerk geciteerd maar de lezer mag fluiten naar een afbeelding. En dit gebeurt meerdere keren (bijvoorbeeld ook nog op p. 31).

Ook de zo geroemde website die bij boek en tentoonstelling hoort, geeft weinig bijkomende informatie. Men zou toch mogen verwachten dat we daar de boeken digitaal zouden kunnen doorbladeren. Nee, men stelt zich tevreden met een plaatje.

De bibliofiele traditie in Nederland is geïnspireerd geweest door de ‘Arts-and-Crafts-beweging’ in Engeland. De basis is dus een conservatieve want de beweging ging in tegen het industriële produceren en vormgeven. Links dacht dat het inhumaan karakter van het kapitalisme gekeerd kon worden door de ambachten terug in te stellen. (Dit is het grote verschil met een geniaal denker als Karl Marx: hij zag in dat de tijd evolueert en dat een oppositie tegen een tijd nooit kan liggen in het verleden.) Het is ook altijd verbazingwekkend te zien hoe zich dit in de typografie en de vormgeving liet zien. De gedrukte letter was gebaseerd op de schrijfletter en de marges van de bladen werden gevuld met bijvoorbeeld ranken, zoals dat ook in de late Middeleeuwen gebeurd was. En er is een band met de neogotiek. (Nog op een ander moment, de jaren dertig van de 20ste eeuw, zullen ‘links’ en ‘rechts’ dezelfde boekvormgeving toepassen.) In het boek bij de tentoonstelling zien we 1 afbeelding van ‘The English Bible’ van The Doves Press. Dit boek toont niet de onhebbelijkheden van de tijd maar is wel degelijk sober en smaakvol ingericht. Dit is één van die boeken die het stempel van de eigen tijd draagt en tegelijkertijd die tijd overstijgt. Men noemt dit ook klassiek.

Voor Frankrijk wordt o.a. de vertaling van ‘The Raven’ (Edgar Poe, vertaling van Mallarmé en geïllustreerd door Edouard Manet) genoemd als eerste ‘livre d’artiste’. In feite is dit een ‘livre illustré’ en het is onbegrijpelijk waarom men niet de vertaalde titel en de uitgever vermeldt. (Dit is ‘Le corbeau’, uitgegeven door Richard Lesclide in Paris, 1875.)

Ook België wordt even vernoemd: men noemt: ‘Henri van de Velde’, men vermeldt: ‘Sint Martens Laethem’. (sic, sic). Maar het was bijvoorbeeld wel interessant geweest om de kritische opmerkingen van P.L. Tak (zie p. 32) over ‘Van Nu en Straks’ weer te geven en zich niet te beperken tot het citaat ‘een schromelijke vergissing’ want misschien ligt in zijn woorden de begintragiek van de bibliofilie wel vervat.

Maar de beperking van het uitgangspunt toont zich ook hier. De Belgische graficus en typograaf Jozef Cantré is voor Nederland belangrijk geweest. Hij is één van de bepalende gezichten voor ‘De Gemeenschap’ geweest, heeft heel wat boeken (ook bibliofiele) van illustraties voorzien maar hij komt in dit hele boek niet voor. Hij werkte namelijk niet met een ‘private press’. Deze kortzichtigheid is daarmee een vervalsing van de geschiedenis.

Een gelijkaardig geval zien we in de naoorlogse periode. Uitgeverij Herik is de belangrijkste bibliofiele uitgeverij geweest. Jo Peters werkte met hedendaagse druktechnieken, hedendaagse vormgevers, dichters en beeldende kunstenaars. Hij was voor iedereen die ook maar enige kennis over de boekwereld bezit, een voorbeeld. Maar in dit boek wordt hij nauwelijks vermeld: geen eigen pers namelijk. Reinder Storm schrijft een hoofdstuk ‘De Nederlandse literatuur en de private press’. Hij doet verwoede pogingen om ergens een belang te ontwaren. Terwijl het enkel uitgeverij Herik was die een constante belangrijkheid te zien gaf. (‘De Lange Afstand’ was bijvoorbeeld ook belangrijk omwille van de eerstuitgaven van Anneke Brassinga – maar in dit boek wordt dit niet vermeld. En er zijn anderen. Maar de combinatie van hedendaagse factoren is enkel bij Herik te zien.) M.a.w. en nogmaals: een randfenomeen wordt ten onrechte tot een belangrijk historisch gegeven gebombardeerd.

Ill. Naenia (1903), van P.C. Boutens, geïllustreerd door Jan Toorop. Een van de meest gezochte boeken uit de Nederlandse bibliofilie. Maar zijn kleuren en strepen voldoende om van een belangrijk boek te spreken? Nee, het gaat om de zeldzaamheid van het aantal.)

Advertenties