félix fénéon (3)

door johan_velter

Luc Sante is niet de eerste of de enige die ‘Nouvelles en troisl ignes’ met het ‘niets’ verbindt. Joan Ungersma Halperin deed hem dat in haar biografie ‘Félix Fénéon: aesthete & anarchist in Fin-de-Siècle Paris’ (1988) voor. En Eileen Baldeshwiler voor haar. Zij noemde Fénéon de uitvinder van de ‘minimal story’ en een voorloper van Jerzy Kosinski en Russell Edson. Zo gezien is de Nederlandse vertaling van ‘Nouvelles’ in ‘Het nieuws’ te ‘plat’. Deze berichten in drie regels bevatten natuurlijk meer dan wat er staat: ze zijn allemaal een roman waard. Door niet alles te zeggen, suggereert Fénéon meer dan hij kan zeggen. Hij suggereert echter niet zozeer, hij laat open. Hij laat de lezer een vermoeden hebben. En dat vermoeden is een waagstuk in het slechte.

Halperin schrijft over Fénéon: ‘His yearning for silence, for obscurity, came from his insatiable need to be himself, simply, and his will to relate to other people simply as they were.’ Zij citeert een vriend van hem: ‘To reveal your innermost thoughts to someone else is an act of indiscretion.’ Een ander zei: ‘His reticence came, I believe, from his respect for the other one’s liberty.’ En over de ‘Nouvellesen trois lignes’ schrijft Halperin ook nog: ‘Adopting a newspaperman’s style, he approached the “degree zero” of writing that Roland Barthes would later delineate.’

Dit is de evolutie van de kunst onder het modernisme: van het vele en van het engagement naar het weinige (het weigeren te schrijven, het weigeren te schilderen, het weigeren te dansen) en naar de vorm. Het modernisme heeft de inhoud verlaten om enkel een mal over te houden. De nadruk op de vorm, op het nieuwe, heeft het inhoudelijke, de waarden, vernietigd. De opvoeder mag niet meer opvoeden, de onderwijzer moet de uren vullen. In ‘A secular age’ schrijft Charles Taylor hierover: ‘We might just as well talk of a drift towards impersonal, immanent order.’ De moderniteit is een evolutie naar formaliteit, naar leegte. Dit heeft immense vrijheden opgeleverd. De mens wordt nu gedefinieerd als mens, niet langer als een bevoorrechte of als een slaaf. Een vrouw kan gelijke rechten verkrijgen als een man. Tegelijkertijd heeft dit ook een zwarte zijde waartegen nu in opstand gekomen wordt. Justitie, bijvoorbeeld, ziet niet zozeer het slachtoffer maar wel de dader die rechten moet houden. Omdat ook de strafmaat geformaliseerd wordt –en er niet gekeken wordt naar het individuele geval zelf- wordt de rechtspraak gehumaniseerd voor de dader. Niet voor het slachtoffer. Dit wordt nu als onrechtvaardig gezien: de straf staat niet in verhouding tot de daad. Sommige mensen zijn een gevaar voor de maatschappij en hun straf is altijd te weinig want te kort. Het formalisme is de zwakke plek van het Westen geworden. Omdat ook het Westen zelf dit inziet, worden redelijk dwaze standpunten ingenomen. Plots blijkt er geen probleem meer te zijn met islamitische rechtspraak en hier en daar wordt de mogelijkheid al geopperd om dit in de praktijk toe te laten.

Dat inhoud en vorm van elkaar losgekoppeld worden (middel en doel worden van plaats verwisseld), hebben we dit weekend kunnen zien in DS-magazine. Zes foto’s van de fotograaf Stephanie Diani van modellen met vlees op hun lijf ‘want ook orgaanvlees kan mooi zijn.’ Is dit decadentie? Er moet niet verwezen worden naar crisis of hongersnood, een morele regel is: met eten wordt niet gespeeld.

En in De Morgen wordt een interview met Bart De Wever en Theodore Dalrymple gepubliceerd. Hun analyse is dat de huidige tijd geen inhoud levert, enkel consumenten kweekt. En dat de intellectuelen schuldig zijn aan deze situatie. Julien Benda. Daardoor is de opvoeding een lege doos geworden. Je moet met migranten ‘discussiëren’ om te weten wat dit in concreto betekent: wat de politie niet veroordeelt, mag je doen. Wat de politie niet bekeurt, is toegelaten. Ook het morele wordt overgelaten aan een externe instantie –wat in de praktijk een anti-humanisme is. Dalrymple: ‘We zijn in de fase beland waar al wat niet verboden is, toegelaten is. Zelfs als het onwettelijk en sociaal dramatisch is. Dat is vrij uniek, dat de moraal zo ver uit het ideeënrijk geschrapt werd.’ Dewever zegt: ‘Men slaat elkaar de hersens in, maar men kan niet meer vertellen waarom.’ Dalrymple: ‘Vandaag […] hebben we een soort individualisme zonder individualiteit gecreëerd. Iedereen eist zijn hoogstpersoonlijke individuele vrijheid op om met exact dezelfde sneakers rond te lopen.’

– Dit alles kan verbonden worden met het boek ‘De revanche van de roman’ waarin Thomas Vaessens een terugkeer van het engagement ziet (en/of bepleit).

– Management is bij uitstek formalisme, zonder inhoud. Zo is de huidige financiële crisis niet iets ‘met en van schuldigen’ maar een symptoom van een beschavingscrisis.

Advertenties