l’argent romantique

door johan_velter

Origineler excuus voor foutief citeren heb ik nooit gehoord of gelezen dan wat staat in bijlage 3 van ‘Laat nooit deze brief aan iemand lezen’. Bertus Aafjes had in zijn beruchte reeks over de experimentelen Claus verkeerd geciteerd. Claus schrijft een brief aan de redactie van Elsevier. Aafjes zet dit recht: hij geeft Claus over de hele lijn gelijk. Dan komt zijn verontschuldiging: “En wat de werkelijke fouten in de citaten betreft, zoals: ‘handen’ voor ‘gebaren’ en‘rode kardinaal’ waar slechts ‘kardinaal’ staat: deze zijn minder het gevolg van slordigheid dan wel van overconcentratie op deze uiterst moeilijke poëzie. De criticus heeft er zich dermate op ingeleefd dat er onmerkbaar [sic] kleine flarden van hemzelf aan de regels zijn blijven hangen[…]”

Ook Claus weet zich te excuseren: “Mijn onverantwoordelijkheid crimineel vinden gebeurt alleen pour la galerie. Niet om het effect, maar om de resultaten van het effect.” (idem, p. 252)

Zowel op Claus als op Vinkenoog heeft het werk van Samuel Beckett een diepe indruk gemaakt –en bij Claus min of meer merkbaar in zijn werk.

Eind juni 1953 schrijft Hugo Claus: “Maar alles komt wel terecht zoals de ouden zeiden; een beetje hinkend, een beetje te laat, maar alles komt terecht. Waarom altijd alles slecht gaat, vroeg Oidipoes zich af, zachte leverlijder. Question de point de vue.” (idem, p. 155)

Er zijn jonge wetenschappers die menen te weten dat de aanvallen op Hugo Claus vooral in zijn fantasie bestonden, dat hij dit gebruikte als strategie. De Bourdieu-bril. In 1954 schreef Urbain Van de Voorde in De Standaard: “Hoe curieus en aanvechtbaar de verzen van Paul de Vree en Adriaan de Roover mogen zijn, ze hebben toch iets dat onmiskenbaar tot de poëzie behoort. Dat iets mis ik bij Hugo Claus.” (idem, p. 278). Dit is maar één voorbeeld. Erger is dat zelfs de lovende besprekingen niet altijd ernstig te nemen zijn. Moerasland.

Sommige brieven zijn slordig geschreven –soms met reden. Bij Vinkenoog echter zie je de neergang: marihuana.

Vinkenoog over het geval Hans Andreus:“Moralité: om romantisch dichter te worden, meld u aan bij de Waffen-SS.”(idem, p. 350)

En dit zei Geert Van Bruaene als hij ‘volgens Claus ‘een hele kabbala van belangen en compromissen ‘suggereerde’: ‘Mystère, mystère, d’où vient l’argent?’ (idem, p. 355). Gérard Bourdieu.

Advertenties