hugo claus, vertaler (2)

door johan_velter

Hoe groot iemand is, wordt pas duidelijk door de anderen. Claus vertaalde in 1966 Thyestes van Seneca. Een bewerking. Claus hertaalde, bewerkte en trok de thematiek naar hier, zichzelf en toen. Oneerbiedig omgaan met Seneca om de tragedie nog veel erger te doen zijn. Bewerken om literatuur te maken die hedendaags en levend is. In 2002 vertaalt de veel jongere Durs Grünbein Thyestes van Seneca. Het gaat hier wel degelijk om een vertaling. Consciëntieus en degelijk. Maar braaf en burgerlijk. Kan Seneca burgerlijk zijn? Jawel. De taal moet zinderen, doen beven en barsten. Claus heeft het stuk danig ingekort. Grünbein vertaalde woord na woord. Zo begint het stuk bij Grünbein: ‘Als Licht, wer zerrt, aus verfluchtem Totenreich, / Mich, dem von Speisen, ungreifbar, der Gaumen tropft?’ Claus schopt Tantalus op het toneel: ‘Ik ken dit huis. / Tot mijn schande ken ik dit huis.’ En hij voegt er aan toe ‘(Klaaglijk, als een seniele grijsaard.’)Dit soort – dodelijke – zinnen, komt bij Claus veelvuldig voor: zijn regie-aanwijzingen zijn een tweede koor. Hoe hij minachtend het sentimentele afwijst.

Eenzelfde krachttoer deed Claus in 1968 met het stuk ‘Wrraaak!’van Cyril Tourneur. Een stuk in de traditie van Artaud. Hier zitten we in de sfeer van het gewelddadige surrealisme. Claus vermengt zijn twee taalregisters: de branie-achtige snordrager die van snotjongens spreekt en zijn oude ik die woorden tovert als was hij een profeet.

Advertenties