over de zin van nut

door johan_velter

‘Over de zin van nut’ van Peter Venmans had een goed boek kunnen zijn als hij louter bij zijn onderwerp gebleven was(d.w.z. het werk van de pragmatische filosofen uitgelegd) en al zijn vooroordelen, moralisme en vooringenomenheid voor zichzelf gehouden had. Toch is dit een belangrijk boek: tegen de idiotie van de Leuvense stoof wordt hier een denken gepresenteerd dat helder en duidelijk is. Denken is binnen het pragmatisme handelen en dus wordt er nogal wat gesnoeid in allerlei aberraties van het denken. (Je kunt geen kunstfilosofisch essay lezen zonder in schaterlachen uit te barsten (of hartstochtelijk te bulderen) bij het zien van al die onzin.) Hoe eigenaardig het pragmatisme echter ook voor Venmans zelf is, toont de titel van zijn boek. De zin? Het is juist deze funderingsvraag die bekritiseerd wordt. ‘Over de werking van nut’ was een juistere titel geweest. De onwennigheid van Venmans komt ook te voorschijn als hij maar blijft doorbazelen over de vraag of Rorty al dan niet professor in de filosofie had mogen blijven na het publiceren van zijn ‘Philosophy and the mirror of nature’. Met dit boek leek hij immers de filosofie –tenminste een deel van de Europese – afgeschaft te hebben en begon hij meer en meer belangstelling te hebben voor literatuur. Hilarisch wordt Venmans als hij zelf voorbeelden geeft: “Het oogstfeest is des te mooier als het binnenhalen van de gewassen zwaar is geweest.” (Het boek verscheen in … 2008)Of hij schrijft: “Ook lezen begint bij toeval.” om dan in de volgende tekst aan te tonen dat lezen zelfbewust kan gebeuren. Het zijn dit soort apodictische uitspraken die het boek ontsieren en aantonen hoe weinig Venmans het pragmatisme kent en/of is. Of als hij de wijze, oude man wil spelen: “(…) – kinderen groeien vanzelf, daar hoef je niet al teveel moeite voor te doen –”?. Is de wijsgeer dement geworden?

Advertenties